Boosheid is een hele gezonde menselijke emotie

Boosheid is een hele menselijke emotie. Het vertelt je dat iets je raakt. Misschien wordt er een grens overschreden, gebeurt er iets wat niet klopt voor jou, of voel je dat je ergens eigenlijk helemaal niet mee instemt.

Bij boosheid komt energie vrij. Energie die je kan helpen om in beweging te komen, een grens te stellen of voor jezelf op te komen.
Maar wat als je vroeger hebt geleerd dat boosheid er niet mag zijn?
Misschien was je boosheid te veel voor de mensen om je heen. Misschien werd je boosheid genegeerd, afgekeurd of afgestraft. Of misschien merkte je als kind dat het veiliger was om je aan te passen, stil te zijn of vooral geen problemen te maken. Dan kan het gebeuren dat je leert om je boosheid in te houden.
Niet omdat je daarvoor kiest, maar omdat je systeem heeft geleerd dat dit op dat moment de veiligste manier is.

De boosheid verdwijnt daarmee niet vanzelf. Soms merk je er op dat moment nauwelijks iets van. Je slikt iets in, lacht het weg of gaat gewoon door. Maar misschien merk je later iets anders. Spanning in je lichaam. Onrust. Vermoeidheid. Een gevoel dat je niet goed kunt plaatsen. Of juist een plotselinge boosheid die veel groter lijkt dan de situatie van dat moment. Alsof iets wat eerder geen ruimte kreeg alsnog gehoord wil worden.

In mijn praktijk kijk ik daar met aandacht en nieuwsgierigheid naar. Niet om de boosheid weg te krijgen en ook niet om haar alsnog te moeten uiten. Maar om te onderzoeken: wat gebeurt er eigenlijk in mij wanneer ik boos word?
Waar voel je het in je lichaam?
Wat gebeurt er met je ademhaling?
Wat doe je automatisch wanneer je boosheid opkomt?
Daar hoeven geen grote woede-uitbarstingen aan te pas te komen. Soms begint het juist heel klein: met het opmerken van een spanning, een beweging die je tegenhoudt of een gevoel dat je normaal gesproken snel wegduwt.
En als de boosheid zich aandient, hoef je daar niet alleen mee te zijn.

In de ruimte van mijn praktijk mag je er even bij blijven. Met aandacht en zachtheid. Misschien ontstaat er daardoor meer ruimte om te voelen wat je nodig hebt en waar jouw grens ligt.
Boosheid hoeft niet weg.
Misschien wil ze vooral gehoord worden.